Leuker voor iedereen

Wit was het om me heen en wazig ook. Vervelende stemmetjes vanbinnen lachten me keihard uit. Oef…deze kwam wel echt hard aan, maar wat kon ik meer doen dan hartelijk meelachen? Opstaan nu, kom op! sprak een rationele buitenstaander tussen de ‘vanbinnen-stemmetjes’.  Ik gehoorzaamde. Dat wil zeggen…mijn hoofd gehoorzaamde; mijn ledematen wilde misschien ook best gehoorzamen maar weigerden samen te werken met de skilatten, de ellendelingen. En dus bleef ik liggen.

“Zooo, dat was wel even een zwieper, wow! Wat gebeurde er nou? Je moet wel goed kanten natuurlijk anders glij je onderuit!” De ski-juf. Met een elegante bocht kwam ze naast mij tot stilstand. 

Tuurlijk joh; hee bedankt voor het advies en ja, het gaat wel weer hoor, bel de ambulance maar af, en ik ski zelf gewoon naar beneden, goed? Een van de vanbinnen-stemmetjes weer, brutaal ding hoor. Maar mijn hardop-stem zei: 

“Ja echt stom, ik denk dat ik het nooit leer eigenlijk.”

“Ach wel ja, dit hoort er allemaal bij.” Schaterlach van de ski-juf. Hoort er ook bij zeker…

Met wat aanmoediging lieten mijn ledematen zich toch overhalen mij overeind te zetten. Zo, ik stond weer. Poeh, dat ga ik morgen nog voelen. 

Maar goed, waar waren we? We waren op een borstelbaan van een skivereniging ergens gewoon in Nederland. De besneeuwde Alpen in Oostenrijk als beoogde promotie en het ultieme doel van deze kwelling.  

Mijn ervaring met wintersport zat hem, tot dan toe, in het observeren van pauzerende skiërs. Met hun handschoenen tussen de tanden zag ik ze –vaak met een te vol dienbad in hun handen– naar een tafel waggelen. Ze waggelden vanwege de skischoenen die weliswaar los zitten dan, maar evengoed nog voeten en enkels omklemmen als gasbetonblokken (dat zijn die blokken waar je eenvoudig een scheidingswand van kan maken vanwege de stevigheid; díe blokken). Het gaf me gek genoeg altijd een prettig rustgevend gevoel dat ik slechts een observant was, een vrouw met een boek op een bankje in de zon. Man, kinderen en overige reisgenoten vermaakten zich op de piste.
Mij kon niks gebeuren.

Het was zogenaamd gezelliger en leuker voor ‘iedereen’ als ik zelf ook eens zou leren skiën, dus waarom ik niet op skiles ging. Gewoon lekker veilig in Nederland –“op een borstelbaan hè, geen echte sneeuw”– met een Nederlandse ski-instructeur. 

Mijn vanbinnen-stemmetjes hadden er van meet af aan al een hard hoofd in: dat kán jij niet! En dat weet je: als jij in de verte een bananenschil ziet liggen bereid jij je al voor op een valpartij. Schaatsen, paardrijden, je hebt het allemaal geprobeerd maar daar waar evenwicht wenselijk is, stort jij spontaan ter aarde. 

Ze hadden gelijk. 

Maar mijn hardop-stem zei: “O, ja dat is eigenlijk wel een goed idee. Inderdaad veel gezelliger om met jullie mee te kunnen.”

En zo kwam het.

Zo kwam het dat ik mezelf iedere week naar de borstelbaan sleepte voor weer een ‘bonte avond’. Zo ging ik die lesavonden noemen vanwege de bontgekleurde afdrukken op lijf en ledenmaten die steevast de volgende dag verschenen. Ik stuiterde regelmatig naar beneden met de skilatten in de omgekeerde richting en landde op plekken naast de borstelbaan waar geen mens kon komen. Ik heb zelfs een keer voorgesteld om voer mee te nemen voor de geit die daar eenzaam op een verlaten stukje grond stond. Dan kreeg dat beest ook eens te eten en wat aandacht. 

Aan het begin van de les werd mij regelmatig gezegd dat ik best alvast naar boven mocht als de ski-instructeur er nog niet was. Kon ik vast wat baantjes skiën.

Wacht jij nou maar op de juf, galmde zo’n vanbinnen-stemmetje dan. En dan luisterde ik.

De sleeplift hoort officieel niet bij de instructie. Dat heb ik nooit begrepen maar dat kan ook komen omdat een instructie bij de gemiddelde mens overbodig is.

Toch een uitleg: aan een grote sleepkabel hangen om de paar meter lange staven. De sleepkabel draait continu de staven rond van bovenaf naar beneden bij de lift. De bedoeling is dat je klaar gaat staan met je néus naar de berg (belangrijk!) en een van de staven aanpakt zodat je naar boven wordt gesleept. En daar begint de ellende.

Bij het naderen van zo’n staaf is het voor een leek absoluut niet duidelijk hoe je dat ding vasthoudt tot je bovenaan de berg bent. Mijn eerste en fatale impuls was om het ding met twee handen vast te grijpen en me dan te laten meeslepen. Fout! Het veroorzaakte een enorme dreun op mijn armen en schouders en ik raakte de coördinatie en controle volledig kwijt. Met benen die naar de hemel reikten terwijl ik dat, inmiddels achterstevoren, met één arm probeerde te herstellen, werd mijn andere arm in een verontrustende python-lengte getrokken want die lift stopte niet. Die lift nam z’n taak zeer serieus en wilde mij koste wat het kost boven hebben. Het duurde even eer ik besefte dat loslaten verreweg de beste optie was. Een wat hulpeloze blik moet ik hebben gehad, want geschrokken, maar stiekem lachende, instructeurs kwamen vragen of ik oké was. Duimpje omhoog dus maar. 

Die nonchalante en routineuze manier waarop andere cursisten de staaf rustig achter hun rug plaatsten en ondertussen twee handen vrij hadden om hun handschoenen strakker te trekken…gek werden de vanbinnen-stemmetjes ervan. Het is toch wel weer opvallend dat uitgerekend jij dat weer niet kan hè?! klonk het. 

Mijn hardop-stem zei altijd na de les: “Het was weer superleuk; tot volgende week!”

Na een aantal maanden was het zover. Het ultieme doel: ‘skiën op de besneeuwde Alpen in Oostenrijk omdat dat gezellig was voor iedereen’, zou bijna bereikt worden. Het vertrouwen van mijn reisgenoten was enorm. Ze hielden vooraf aan mijn eerste echte ski-ervaring in de sneeuw nog een werkbespreking met serieuze gezichten.
Ik stond daar gewoon bij.

“Ze hoeft hier geen les hoor.”

“Nee dat denk ik ook niet, ervaring genoeg opgedaan.”

“Doen we de blauwe?”

“Nee, veel te saai, ze is wel wat gewend inmiddels en ze heeft het geleerd op een borstelbaan hè, dan heb je sowieso veel techniek geleerd en we zijn er zelf bij ook.”

“Oké, de rode dan, maar daar zijn alleen sleepliften.”

“Nou. En?”

De vanbinnen-stemmetjes hielden hun adem in. Mijn hardop-stem ook. En daar stond ik: bij de start van de route. Ik zag de eerste ‘bananenschil’ al waar ik over zou gaan vallen: de sleeplift. Mijn lijf verstijfde. Dit gaat fout en dat weet je zelf ook, kluns, tetterde een vanbinnen-stemmetje. 

“Kom nou, je kan dit! Ik ga vast, volg me maar gewoon,” zei een hardop-stem, maar niet die van mezelf.

De beoogde promotie heeft nooit plaatsgevonden. Het is evengoed nog lang gezellig gebleven en dat wil ik graag zo houden.

Schermafbeelding 2018-11-04 om 22.29.16

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s